Deze Bollebooswichtpagina is gekoppeld aan de Stapperloot-route Lille
Deze route wandel je met je smartphone.
ÉMILE FLAMANT
° Bohain-en-Vermandois, 18 januari 1896.
ⴕ Fresnoy-le-Grand, 12 september 1975.
Émile Flamant wordt eerst als schilder opgeleid, maar na een ontmoeting met Henri Matisse verandert zijn kijk op kunst en gaat hij zich op fresco’s richten, waarbij hij het fauvisme toepast, schilderen met pure kleuren en eenvoudige vormen. Het is een moeilijke techniek, de combinatie van aquarel met gewassen tekening op frisse mortel. Daarbij is het een kwestie van snel schilderen want als de mortel droog is kan er niet meer veranderd worden. Op een muur aangebracht moet de fresco ook binnen één dag geschilderd zijn. De fresco’s van Émile Flamant tonen grote personages in een lokale omgeving, waarbij warme kleuren worden gebruikt: rood, oker, geel , oranje en een intens soort blauw.
De tijd na de Eerste Wereldoorlog is bijzonder gunstig voor fresco’s. Nogal wat kerken en openbare gebouwen zijn compleet verwoest of hebben flinke schade opgelopen, zodat er veel herbouw en restauratie wordt uitgevoerd. Émile brengt zijn fresco’s aan in ruim 30 kerken, kapellen en seminaries met een gezamenlijke oppervlakte van ruim 2000 m2.
Geboren in Bohain-en-Vermandois op 18 januari 1896, brengt Émile echter zijn jeugd door in Caudry, een stadje in het Franse departement Nord, waar zijn vader een weverij leidt. Maar zijn zoon blijkt op school een zeer goede leerling en hij mag in 1912 in Valenciennes naar een School voor de Schone Kunsten. Zijn leraren merken zijn talent op en Émile krijgt een beurs om verder te studeren aan de Academie voor Schone Kunsten van Parijs, waar hij terecht komt in het atelier van schilder Lucien Jonas. Na zeven jaar verlaat Flamant die school, hij is geslaagd voor het eindexamen en heeft daar zelfs een medaille voor gekregen. Maar als hij bezig is met de voorbereidingen om de Prijs van Rome te behalen, ziet hij in dat het soort werk dat daarvoor in aanmerking komt niet langer overeenkomt met zijn eigen inmiddels gevormde picturale ideeën en trekt zich terug uit die deelname om zich op het realiseren van fresco’s te richten. Juist in die periode ontmoet hij Henri Matisse.
Naast de hoger genoemde religieuze fresco’s realiseert Émile Flamant ook burgerlijke fresco’s op diverse gebouwen en openbare monumenten. Onder andere op de Nieuwe Handelsbeurs (Nouveau Bourse) van Lille, het Chaillot-paleis in Parijs (in het Museum van Franse Monumenten), in de stadhuizen van Cambrai (Kamerijk) en Caudry. Voor dat laatste maakt Flamant in 1924 vier muurschilderingen met een totale oppervlakte van 30 m2. En in 1925/’26 een groot fresco voor de toenmalige concertzaal van het stadhuis van Bohain-en-Vermandis, die vandaag als trouwzaal wordt gebruikt. Het beeldt de herwonnen vrede en welvaart uit en er staan een reeks bekende inwoners van Bohain op afgebeeld.
Naast fresco’s realiseert Flamant ook talrijke werken die gewoon op een schildersezel tot stand komen. Als waarnemer van zijn tijd geven die doeken oude stadswijken, oude gewoontes en oude ambachten weer, zoals die toen nog bestonden. Naast schilder was Flamant ook nog dichter, maar in die discipline laat hij enkel nooit uitgegeven bundels na en daarnaast nog talrijke eveneens ongepubliceerde artikelen over de geschiedenis van zijn dorp. Zijn laatste levensjaren brengt Émil Flamant door in Fresnoy-le-Grand, waar hij ook begraven is in het familiegraf.
Klik voor andere routes op Routes
Klik voor andere Bollebooswicht-items op Bollebooswicht
Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Ut elit tellus, luctus nec ullamcorper mattis, pulvinar dapibus leo.
