Sla rechtsaf, dan ben je in de
KAMMENSTRAAT
De Kammenstraat en omgeving was van oudsher de Antwerpse brouwerswijk. Het oude Vlaamse woord voor brouwerij was Camme. Dat juist hier die brouwerijen kwamen houdt verband met de aanwezigheid van zoet grondwater, dat in putten wordt opgevangen.
Als er wat later een gebrek aan zoet water ontstaat, gaan de brouwerijen dat halen bij de Wapper, waar zoet water toestroomt via de Herentalse Vaart. Die waterloop komt vanuit de richting Herentals, waarbij in Wommelgem zoet water van de rivier de Schijn wordt afgetapt. Met de wapper, een hijstoestel, wordt dat zoete water in tonnen uit de Vaart opgehaald en naar hier vervoerd. Straks komt onze route nog langs die plek, het huidige Wapperplein bij de Meir.
Maar dat blijkt uiteindelijk uitstel van het probleem. Vanaf midden 16de eeuw gaat de brouwactiviteit in de Kammenstraat achteruit. Gilbert van Schoonbeke heeft ten noorden van het Antwerpse centrum de wijk ‘Nieuwstad’ aangelegd en daar diverse brouwerijen opricht. Die halen hun water ook uit de Herentalse Vaart, maar hogerop nabij het huidige Stadspark. Via een buizenstelsel stroomt dat naar Nieuwstad. Daar wordt het in een Waterhuis (vandaag als ‘Brouwershuis’ bekend) met een ingenieus systeem opgepompt tot een hoog niveau, waarna het via buizen aan Gilberts brouwerijen wordt geleverd. Dat betekent het definitieve einde van de brouwactiviteit in de Kammenstraat.
Vandaag vloeit hier slechts bij mondjesmaat bier, redelijk recent is deze straat van een wat doodse winkelbuurt ‘omgeturnd’ tot een straat vol hippe winkeltjes.
INLIJSTERIJ GEVAERT
Kammenstraat 57 (nu: House of Bones)
Lieven Gevaert, later stichter van het grote concern Agfa-Gevaert in Mortsel, heeft hier met zijn moeder een korte tijd een zaak in inlijstingen gehad Naast spiegels en schilderijen komt er ook al eens een klant om een foto te laten inlijsten, op dat moment nog iets nieuws. Lieven raakt sterk geïnteresseerd in dat nieuwe medium en volgt enkele jaren een opleiding fotografie in Brugge.
Er waren plannen om aan de winkel een fotoatelier toe te voegen. Maar al in 1885 is de zaak gestopt en in 1886 en ‘87 is Lieven bij Antwerpse fotografen gaan werken.
En gezien fotografie de toekomst lijkt, opent hij met zijn moeder een fotoatelier in de Montignystraat in het zuiden van Antwerpen. Daar weet Lieven na veel experimenteren een heel goed type fotopapier te ontwikkelen. Papier om foto’s af te drukken komt op dat ogenblik nog enkel uit het buitenland, dus Lieven heeft er een Belgische primeur mee.
Straks komt onze route nog langs zijn geboortehuis.
Even verder rechts kom je aan een poort met daarop een kruisweg.
WITZUSTERKLOOSTER – Sint-Egidiusvereniging
Kammenstraat 51.
Op die poort met calvarie luisteren Johannes en Maria toe hoe Maria-Magdalena haar orgieën opbiecht. Hier bij de witzusters was zij welkom.
Broeder Geeraert – binnen de kloostermuren Geroldus genoemd – sticht hier in 1312 een huis om zondaressen weer te bekeren tot goede en godvruchtige vrouwen. Geen min programma. Hij weet er de witzusters voor te spannen, evenals hertog Jan II van Brabant. Deze laatste hoeft zich niet persoonlijk met die vrouwen in te laten, hij moet enkel maar toestaan dat er in zijn hele hertogdom gebedeld mag worden voor het goede doel. En … dat niemand een hieruit gevluchte vrouw onderdak verschaft of er omgang mee heeft, op straffe van gevangenis.
Doet dat je denken aan tegenwoordige sekten? Intreden kan probleemloos, weer buiten raken is een andere zaak. Dat dergelijke dames niet in een handomdraai in zedige kwezels veranderen, blijkt in 1527 uit het afzetten van moeder-overste en het paal en perk stellen aan het onderlinge gekrakeel van de zusters. Zij slingeren elkaar verwijten naar het hoofd over hun vroegere beroepsbezigheden.
In het middeleeuwse mirakelspel Marieken van Nieumeghen, gaat de hoofdpersoon na haar zeven zondige Antwerpse jaren uiteindelijk ook boete doen in een witzusterklooster, dat van Maastricht.
HOMELESS JESUS
Kammenstraat 51.
Achteraan ligt op een bank tegen de kapel een dakloze, homeless Jesus. De uit Italië stammende religieuze Sint-Egidiusvereniging die hier huist bekommert zich inderdaad om mensen die ergens op hun levensweg uit de boot zijn gevallen. Zij krijgen via Kamiano gratis eten, een luisterend oor en wat raad om weer op de weg te raken in een grootstad.
Het ligbeeld mét bank is in 2013 gemaakt door de Canadese beeldhouwer Timothy Schmalz. Maar dat was niet dit exemplaar, het kwam terecht voor de hoofdingang van het Regis College, een theologische opleiding van de jezuïeten, verbonden aan de universiteit van het Canadese Toronto. En in december 2017 maakt Timothy er nog een fiberglas versie van voor het aartsbisdom Baltimore, die is gaan rondreizen langs scholen, parochiekerken en instituten om in 2018 terug te keren naar Schmalz. Intussen zijn er heel wat kopieën van dat eerste beeldhouwwerk over een flink aantal steden en landen verspreid.
Sla linksaf, de IJzerenwaag in.
SMALSTE HUIS VAN ANTWERPEN ?
IJzerenwaag 7
Met zijn breedte van 4,10 meter was dit oorspronkelijk een winkelhuis met twee verdiepingen van elk 38m₂. Smal, nochtans een realisatie van de bekende Antwerpse architect Jos Bascourt .
Maar voor het echte smalste Antwerpse huis moet je richting Stadswaag, waar het sinds 2006 in Huikstraat 47 vier verdiepingen hoog oprijst. Elke verdieping is 2,40 m breed, 5,50m lang en 3,00 m hoog. Het is volledig opgetrokken uit glas, op elke verdieping van een andere kleur. Een idee van de architect, verwijzend naar de rosse buurt uit de omgeving, hoewel het zelf een gewone rijwoning is.
IJZERENWAAGOp het pleintje aan het eind van deze straat wordt vanaf 1500 ijzer en koper gecontroleerd op de juiste maat en het goede gewicht. Een verplichting waarop een soort belasting wordt geheven, de ‘waghetol’. Rond die tijd wordt ook het stukje straat tussen de Kammenstraat en die IJzerenwaag aangelegd, dat sinds zomer 1978 verkeersvrije is.
Zie je die vierkante paal voor je? Die herinnert aan de toneelklucht ‘Trijntje Cornelis’ van Constantijn Huygens uit 1653. Het verhaal:
_________________________________________________________________________________
TRIJNTJE CORNELIS
De Zaanse schipper Klaas Gerrits komt naar Antwerpen. Terwijl hij samen met zijn knecht Kees de lading versleept, gaat zijn vrouw Trijn een wandeling door de stad maken. Daarbij komt ze terecht in de Lepelstraat, zich er niet van bewust dat het om een slecht bekend staande buurt gaat. Ze wordt aangesproken door Maai, een prostitué die zich voorgeeft als verre familie van Trijn en haar uitnodigt binnen te komen. Daar laat ze Trijntje enkele glazen sterke wijn drinken, zodat ze half dronken niet meer goed weet wat er met haar gebeurt.
Dan komt net Francesco langs, een van Maais klanten en samen ontdoen ze Trijntje van haar mooie kleren en hullen haar in versleten spullen. Daarna versleept Francesco haar een flink eindje verder en laat Trijn achter op een mestvaalt – die is destijds hier bij deze paal lag. Daar wordt Trijntje door een nachtwaker gevonden, die haar naar haar schip terugbrengt, waar ze opgevangen wordt door knecht Kees.
Als hij hoort wat Trijn is overkomen, wil hij wraak nemen op het tweetal dat haar heeft aangerand. Ze zeggen niets tegen schipper Klaas, maar als ze later die dag Maai en Francisco op de kade zien wandelen, lokt Kees hen naar hun schip. Daar krijgen ze een geweldig pak slaag van hem en worden hun kleren verwisseld voor de vodden die Trijn moest dragen en een oude plunje van Kees. Een ware ‘boontje komt om zijn loontje’ klucht.
_______________________________________________________________________________
Wandel naar links en ga het pleintje rond. Je passeert zo ook de Zwaardstraat, genoemd naar een van de brouwerijen uit deze wijk. Ga verder naar de voorzijde van dit plein.
THEODOOR VAN RIJSWIJCKPLAATS
Aangelegd rond 1505, aanvankelijk Plein van de IJzerenwaag genoemd. Maar naar aanleiding van de overbrenging van het beeld van Theodoor Van Rijswijck werd de naam gewijzigd in 1884. Sinds zomer 1978 verkeersvrij.
In het midden een omheind plantsoen met het standbeeld van de Antwerpse volksdichter Theodoor Van Rijswijck. Een realisatie van Léonard De Cuyper, aanvankelijk onthuld in 1864 in het stadspark, maar in 1884 verplaatst naar hier. Van Rijswijck mag dan geen grote literaire naam zijn, maar al tijdens zijn leven was hij alom bekend bij het Antwerpse volk. Hij zorgde dan ook voor menig gelegenheidsgedicht als de mensen iets te vieren hadden. En het Sint-Andrieskwartier dat zich uitstrekt tussen de Kammenstraat en de Schelde, was zo’n volkswijk.
Ga naar links en sla even verderop tegenover het ierse café An Sibhin weer linksaf, zodat je in de Sleutelstraat belandt.
Zo zagen ooit veel Antwerpse zijstraatjes eruit, maar zelfs hier verstoort nieuwbouw dat ietwat nostalgische beeld.
SLEUTELSTRAAT 13
Op de twee poorten van dit huis zie je fraai bewerkte makelaars, deurlatten dus. Er is ook nog een pompzwengel naast de deur bewaard gebleven.
‘ALS DE WOEDE VAN DE NACHT GEWEKEN IS’
Sleutelstraat 16.
Een poëtische tekst van theaterman Axel Daeseleire, vooral bekend als film- en tv-acteur. Maar hij bracht met ‘Nachtdier’ ook een eigen dichtbundel uit, waaruit deze tekst komt.
EENKAMERHUISJE
Sleutelstraat 23.
Oorspronkelijk een éénkamerhuisje zonder verdieping uit de tweede helft van de 16de eeuw. Eigenaar De Lelys laat het in 1962 achteraan verhogen met een verdieping. Wie hier woont gaat binnen door een fraai korfboogdeurtje in zandstenen omlijsting. Knus, dat wel.
SLEUTELSTRAAT 29
Dit traditionele breedhuis gaat terug tot de 16de eeuw en de eerste helft van de 17de. Let even op de gietijzeren sleutel rechts naast de voordeur. Dat is het merkteken van brouwerij De Sleutel, die ooit op deze plaats was gevestigd en waar het straatje naar is genoemd.
Gaat je blik nu even naar het straateinde, dan zie je daar hoe boven een klassieke trapgevel dat grote moderne administratieve centrum uittorent, waar je in de Everdijstraat al langs kwam.
ONZE-LIEVE-VROUW LICHTMIS
Sleutelstraat 33.
Deze Maria behoorde bij een Buurtschap, een vereniging van bewoners die het beeld verzorgden en het bij Mariafeesten versierde. De gekroonde Onze-Lieve-Vrouw staat op een maansikkel en vertrapt het Kwaad, gesymboliseerd door een slang. Om zeker te zijn dat het duivelse beest geen streken meer kan uithalen, doorboort Jezus het ook nog eens met zijn kruisstaf. Samen rusten ze op de wereldbol, die gedragen wordt door vier gevleugelde engelenhoofdjes.
Gemaakt uit eikenhout door beeldhouwer Peeter Overlaet stamt Maria al uit de 18de eeuw, maar dat is niet aan haar te zien dankzij een restauratie door Geneviève Hardy in 2005.
__________________________________________________________________________________
Tijdens de Franse periode mochten er geen heiligenbeelden aan de huisgevels hangen. Veel beelden zijn toen stiekem verborgen , ook deze Maria. Na de val van Napoléon doken ze weer op, onze Lichtmis-Maria in 1814. Maar toen aan het andere eind van dit straatje, om pas in 1922 naar hier te verhuizen. Intussen had zinkwerker Jean Hulsels in 1883 gezorgd voor de baldakijn, zodat moeder en kind droog blijven.
Maria-Lichtmis is een katholieke feestdag. Die valt 39 dagen na Kerstmis omdat eerstgeboren joodse jongetjes 40 dagen na hun geboorte in de tempel opgedragen moesten worden aan God. Dat heeft Maria dus destijds ook gedaan met haar zoon. Op Maria-Lichtmis worden er kaarsen gewijd, die dan in een processie worden meegedragen. Het is ook gebruikelijk dat er die dag pannenkoeken worden gegeten, want vorm en kleur van een pannenkoek doen denken aan de zon, dus aan licht.___________________________________________________________________________
Aan het eind van de Sleutelstraat kom je terug in de Kammenstraat met recht voor je een vroegere kerkingang.
Hier sluit de verkorting van de Kammenstraat weer op onze wandelroute aan.
SINT-AUGUSTINUSKERK – CONCERTZAAL VOOR OUDE MUZIEK
Kammenstraat.
De vroegere kerk van een augustijner klooster, vandaar beelden en bijschriften op de gevel van augustijner heiligen. Naast Augustinus zelf tronen links martelares Apollonia en rechts Nicolaas van Toledo (bekender als Sinterklaas). De spreuken die zij patroneren zijn “Mijn huis zal heten een huis van gebed” en “Dit is het huis van God en de poort van de hemel“.
De voormalige Sint-Augustinuskerk is in 2000-2002 verbouwd tot Amuz Centrum voor Oude Muziek.
________________________________________________________________________________
Er waren al vroeg augustijner monniken in Antwerpen, maar zij hadden zich in het Sint-Andrieskwatier gevestigd. Enkele van die paters hadden nog les van Maarten Luther himself gehad. Zij preekten in Antwerpen dan ook vanuit diens ideeën, die succes hadden bij het volk. Hun kerkdiensten trokken meer volk dan de missen in de kathedraal. Dat werd een probleem, mede omdat keizer Karel V hier de macht in handen had. Hij had in 1521 al tevergeefs geprobeerd op een rijksdag in het Duitse Worms Luther op andere gedachten te brengen. In het Duitse Rijk kon keizer Karel Luther niet oppakken, want die werd beschermd werd door enkele keurvorsten.
Maar in zijn Spaanse Nederlanden kon Karel V wél optreden tegen ‘ketters’. Onze augustijner monniken moesten Luthers leer afzweren. Twee weigerden dat en zij zijn op de Brusselse Grote Markt als ‘lichtend’ voorbeeld op de brandstapel gezet.
Wanneer de commotie rond die eerste augustijnen wat geluwd is, keren in 1608 de augustijnen-observanten naar Antwerpen terug. Ze kunnen er een machtig klooster uitbouwen met steun van aartshertogen Albrecht en Isabella, die Wenceslas Cobergher deze kerk laten optrekken sobere barokstijl, waar de renaissance nog niet helemaal uit verdwenen is. Ook het hele interieur, compleet met beeldhouwwerk, is van deze allround designer. _________________________________________________________________________________
Wandel verder door de Kammenstraat waarbij je Amuz aan je linkerhand houdt zodat je na een reeks winkels bij een brede straat links komt, de Oudaan. Op de hoek van de Oudaan en de Kleine Markt zie je café Berlin op de plek waar ooit iemand is geboren wiens naam wereldbekend werd bij fotografen. Je hebt hem als even ontmoet tijdens onze wandeling.
GEBOORTEHUIS LIEVEN GEVAERT
Kleine Markt 1-3.
Waar nu café Berlin de deur openhoudt wordt op 28 mei 1868 Lieven geboren als derde kind van inlijster Ludovicus Gevaert en Maria Theresia Bruynseels. Twee eerder geboren meisjes waren echter al overleden en ook Lievens vader sterft als de jongen amper 3 jaar is. Maar zijn moeder zet het familiebedrijf verder en probeert Lieven een redelijke opleiding te geven door hem van 1879 tot 1882 eerst naar het Klein Seminarie in Hoogstraten te sturen en vervolgens naar het Scheppersinstituut in Mechelen. Echt lang op die schoolbanken zit Lieven niet, op zijn veertiende gaat hij meewerken in de inlijsterij, die naar de Kammenstraat verhuist. Daar ben je hem al tegengekomen.
__________________________________________________________________________________
Veel later, als Gevaert een groot concern in Mortsel is geworden, heeft Lieven hier vlakbij in Antwerpen aan sponsering gedaan op onderwijsgebied. Aan de Kasteelpleinstraat vind je het Sint-Lievenscollege met lager middelbaar onderwijs voor jongens en nog dichterbij aan de Maarschalk Gérardstraat de Sint-Lutgardisschool als meisjesschool. Zo’n man verdient een standbeeld en dat heeft Lieven dan ook gekregen in Mortsel op 3 mei 1941.
Wandel nog even verder, dan zie je rechts een zaak die ook al enige tijd meegaat.
MATTHEUS-B
Kleine Markt 8.
Een koffiezaak met traditie. Baptiste Jean Bruyns richt in 1907 zijn eerste koffiebranderij op, maar de winkel is genoemd naar zijn zoon Mattheus. Samen bouwen vader en zoon een netwerk van bijna 100 winkels, verspreid over heel België. Daarvan is alleen deze Antwerpse zaak overgebleven.
Aanvankelijk rond 1973 in de Korte Gasthuisstraat, louter als koffiespecialist. Maar Baptiste gaat ook een klein assortiment thee aanbieden. Sinds de verhuizing in 2016 naar hier is vooral het theeassortiment uitgebreid tot meer dan 200 soorten, waaronder oolong, zwarte thee en kruiden- en fruitinfusies.
_________________________________________________________________________________
Na het overlijden van de naamgever in 2000 neemt schoondochter Nessy Cazier de speciaalzaak over. Nu wordt ze bijgestaan door dochters Fanny en Naïs. Bij hen kan je terecht als je bijvoorbeeld wilt weten wat het verschil is tussen witte, groene of gele thee. En mocht het antwoord op je vraag niet onmiddellijk gegeven kunnen worden, dan zullen ze het samen met jou opzoeken.
De koffie wordt al sinds het overlijden van stichter Baptist door een vennoot gebrand, waar later de Kruibeekse branderij CoffeRoots uit voortgekomen is. Die levert nog steeds de bonen waarmee zo’n veertig soorten koffie worden bereid, keuze genoeg voor wie van een cappuchino houdt of voor liefhebbers van een iced americano.
Jammer genoeg kan je hier niet binnenstappen om al die soorten ook meteen te proeven, maar om ze thuis te zetten kan je er wel een fraaie pot bij kopen.
__________________________________________________________________________________
Zo kom je aan de splitsing van de Kleine Markt: links het Vleminckveld, rechts de Bredestraat. En juist daar zie je hem staan:
STADSPOMP
Kleine Markt.
Deze pomp staat op een veel oudere put, die in de 14de eeuw is aangelegd als openbare waterbron. Hij maakte deel uit van het dagelijkse leven op en rond de Kleine Markt. In 1700 krijgt de put zijn monumentale vorm met een arduinen zuil met een Mariabeeld.
In de vroegste fase staat hij bekend als Gortersput, genoemd naar de gorters, ambachtslui die het water gebruiken voor voedselbereiding. Gerst, een graansoort, wordt met pelmolens tot gort gepeld. Die moet 12 uur weken en dan ongeveer een uur worden gekookt. Tot begin 20ste eeuw was gort nog dagelijks eten, vandaag vervangen door rijst en pasta.
Vanaf de 15de à 16de eeuw wordt deze plek steeds meer verbonden met de schutters- of kolveniersgilden. Zo raakt de naam Schuttersput ingeburgerd. De waterput groeit uit van loutere nutsvoorziening tot herkenningspunt binnen de stad en het sociale leven.
In 1717 wordt aan de inmiddels monumentale zuil de inscriptie Adjutórium contra Turcas toegevoegd. Een tijd waarin religieuze bescherming en spanningen met het Turks-Ottomaanse Rijk sterk leven. In de loop van de 19de eeuw verdwijnt geleidelijk die tekst, die weerspiegelde hoe wereldgebeurtenissen hun weerslag vonden in het Antwerpse straatbeeld.
Hoewel de oorspronkelijke waterfunctie verdween, bleef de Schuttersput een vast ankerpunt in de stad, een plek waar water, ambacht, gilden en geloof eeuwenlang samenkwamen.
__________________________________________________________________________________
Onder de lantaarn zie je op de pompzuil een afbeelding van een schutter achter een barricade. Dat gaat terug op een verhaal over de straatnamen Vleminckveld en Oudaan. Soldaten uit het graafschap Vlaanderen (toen reikend tot de linker Scheldeoever) waren binnengedrongen in het hertogdom Brabant (waartoe Antwerpen behoorde). Zij stormen via het Vlamingenveld (Vleminckveld) naar het stadscentrum. Maar ze worden door de Antwerpenaren tegengehouden, waarbij zij de strijdkreet ‘Houd aen !’ (volhouden) geroepen zouden hebben op de plaats waar vandaag een straat Oudaan heet. Klinkt mooi, maar toch een volledig verzonnen verhaal. Zo’n strijd tussen Vlamingen en Brabanders heeft hier nooit plaatsgevonden.
Keer nu terug van de Kleine Markt naar de Oudaan, die je dus rechts inslaat. Bekijk de huisgevels aan je rechterhand.
KAVKA
Oudaan 14.
Oorspronkelijk een barok herenhuis, tussen 1844 en 1884 bewoond door kunstschilder Nicaise De Keyser , niemand minder dan de man waarnaar onze De Keyserlei genoemd is. Architect Heliodore Leclef heeft zijn best gedaan er een voorname gevel van te maken met een bustekop, gevleugelde putti (naakte jongetjes die onschuld en liefde uitbeelden, denk aan Cupido) en adelaars op de hoeken.
Wanneer Nicaise daarop uitgekeken is, verkoop hij het huis in 1881 aan het stadsbestuur, vandaar het stadswapen op beide zijvleugels.
Stadsingenieur Gustaaf Royers maakt er een kleuterschool van. Ouders moeten betalen als ze hun kinderen daarheen sturen. Royers is een scholenspecialist, hij heeft er zo’n twaalf gebouwd in heel Antwerpen.
__________________________________________________________________________________
Tot dan was de Oudaan een normale smalle straat. Wanneer die in 1885 wordt verbreed kost dat dit huis een stukje van de uitstekende zijvleugels. Maar dat wordt gecompenseerd door achteraan een nieuwe schoolvleugel toe te voegen, waarna in 1897 dit een Lagere Hoofdschool voor Jongens wordt. Het zal nog heel wat decennia duren voordat de katholieke Kerk onderwijs aan jongens en meisjes in dezelfde klas zal toelaten.
Als in 1929 de vrije woensdagmiddag wordt ingevoerd gaan de onderwijzers spontaan ontspannende bezigheden organiseren voor hun leerlingen. Daaruit ontstaat in oktober 1937 voor het Stedelijk onderwijs de organisatie Kindervreugd, die gaat zorgen voor openluchtrecreatie: speelpleinen, bos- en zeeklassen. Later komen daar ook binnen-festiviteiten bij en kinderfeesten in grote zalen. Hier zal Kindervreugd zijn kantoren vestigen.
Die organisatie wordt vaak afgekort tot KV en als hier dan in een vleugel achteraan de binnenplaats een soort jeugdclub het leven ziet, dan wordt die KAVKA genoemd, wat dus niets te maken heeft met de in Praag geboren schrijver Franz Kafka. Als de poort open is, neem je maar eens een kijkje op die binnenplaats.
______________________________________________________________________________
Oudaan 16-18.
Dit lijkt één groot lang gebouw met twee ingangen aan beide uiteinden en daartussen veel ramen. Toch zijn het twee aparte woningen, die wel qua gevel elkaars spiegelbeeld vormen. Ze zijn in 1879 gebouwd op grond van de familie Geelhand. Die heeft al vroeg door dat deze straat interessant is als belegging en koopt dus een handvol percelen. In nr.18, dat je het eerst passeert, woonde een chirurg annex verloskundige Comein, met de fraaie voornaam Polydore, in de Griekse mythologie een koning van Thebe. In het andere huis woonde notaris Antoine de Duve. Hij heeft heel wat geboorteaktes kunnen opstellen, zijn vrouw Clémentine kreeg niet minder dan twaalf kinderen. Die zou ze vandaag even zoet kunnen houden met de boeken van Stad Leest of in het bijbehorende café.
________________________________________________________________________________
Hoe zit het nu met die straatnaam?
Intussen weet je dat die niets te maken heeft met Houd’aen, maar waarmee dan wel? Splits de naam in tweeën: oud en aan. Het eerste woord heeft een betekenis zoals het Engelse out – buiten. Onze Vlaamse versie vind je nog terug in de plaatsnaam Oud-Turnhout, een dorp dat op enkele kilometers buiten de stad Turnhout ligt. Aan of aene wijst op nattigheid, denk maar aan de vele kleine riviertjes die Aa heten, waarin het Latijnse aqua nog herkenbaar is. Om welke nattigheid gaat het hier?
Aan de kant van de Kammenstraat was er dicht onder het oppervlak zoet water te vinden, vandaar de vele brouwerijen met hun waterputten. Ook is er Aert Schoyte, levend tussen 1473 en 1548 en binnen die 75 jaar een vermogend vastgoedeigenaar, afwisselend ook schepen (wethouder) en burgemeester. Hij had een boomgaard op de plaats waar vandaag het plein voor de jeugdherberg ligt. Bomen kunnen enkel groeien als er genoeg water in de bodem aanwezig is.
Aan de andere zijde, de Lange Gasthuisstraat, kennen we het Elzenveld. Elzen groeien vooral langs slootkanten, dus waar veel water is. Straks komen we er nog langs. Alleen op de Oudaan hield je het droog op een wat hoger stuk grond, oud aene, buiten flink wat nattere gebieden aan weerszijden.
__________________________________________________________________________________
Oudaan 20.
Hier laat Raymond Geelhand in 1881 zijn eigen woning bouwen op een stuk familiegrond. Maar hij heeft dan al twee huwelijken achter de rug zonder ooit gescheiden te zijn. In 1868 trouwt hij met Emilie Meyers, maar zij sterft al na enkele jaren in 1872. Ver gaat Raymond het dan niet zoeken, in 1877 trouwt hij opnieuw, nu met Emilie’s jongere zus Fanny. Maar dat tweede huwelijk zal zelfs nog korter duren, want al na enkele maanden overlijdt ook Fanny.
_________________________________________________________________________________
Raymond was een afstammeling van de heren van Merksem, Emile Geelhand en Zoé Moretus. Moeders achternaam doet ook belletjes rinkelen, denk aan Museum Plantijn-Moretus. Emile en Zoé laten in 1897 kasteel Dennenburg in Kapellen aan hem na. Daardoor kan Raymond voortaan kiezen naar welk buitenverblijf hij bij mooi zomerweer zal gaan. Hij hééft namelijk al sinds 1884 een kasteel, het Kessselhof in Nijlen. Dat kasteel is recenter nog enige tijd eigendom van modeontwerpster Ann Demeulemeester geweest.
_______________________________________________________________________________
Oudaan 26-28.
Vandaag is het hier ‘Outdoor & Action’, het parool van A.S. Adventure, met spullen voor vele soorten vrijetijd. Maar in 1929 was hier het Antwerpse filiaal van de Bank Lazard Brothers & Co. Dat bedrijf gaat terug tot twee Franse broers Alexandre en Simon Lazard, die in 1848 een handel in kruidenierswaren opzetten in New Orleans. Twee jaar later breiden ze hun bedrijf uit met bankzaken. En in 1876 wordt Lazard & Frères opgericht met hoofdzetel in Parijs en in 1877 een bijhuis in Londen. Dat bijhuis wordt na de Eerste Wereldoorlog in 1919 zelfstandig als Bank Lazard Brothers & Co Ltd en opent tien jaar later een Belgisch filiaal op dit adres.
Oudaan 32.
Het hoekhuis is samen met de Lange Gasthuisstraat 8-10 opgetrokken in 1913-1914 in wat Beaux-Artsstijl wordt genoemd. Daarmee behoort het tot de vroegste flatgebouwen die in Antwerpen in het straatbeeld verschenen.
Kijk even recht vooruit naar het fraaie smalle neorococo huis in de Lange Gasthuisstraat.
BEL-ETAGE WONING
Lange Gasthuisstraat 5.
In 1898 laat weduwe H. Vander Wyngaert deze fraaie woning bouwen door de samenwerkende broers Léonard en Henri Blomme. Zij kiezen hier voor de rococostijl in vernieuwde vorm, zeg maar ‘neo’-rococo. Neo-stijlen baseren zich op vroegere bouwstijlen, aangepast aan moderne eisen.
Léonard en Henri bouwen elders ook in andere neostijlen: neo-Vlaamse renaissance, neoclassicistisch, neo-traditioneel, Louis-Philippestijl en als het een mengeling van stijlen was, wordt het eclectisme genoemd. Zij bouwen wat de klant verkiest, dat levert veel opdrachten op.
Sla nu rechts de lange Gasthuisstraat in en richt je blik opnieuw naar de overzijde, naar de kledingzaak Verso.Hier sluit de verkorting vanaf de Korte Gasthuisstraat weer op onze route aan.
